Wat als pensioenfondsen niet meer hun toekomstige uitkeringsverplichtingen kunnen voldoen?

office-594132_1920

Gelukkig is het nog lang niet zover, maar het kan voorkomen dat pensioenfondsen niet meer aan hun toekomstige uitkeringsverplichtingen kunnen doen. Bij wie doet dat het meeste pijn? Er zijn drie opties die beleggingsfondsen kunnen uitoefenen.

De eerste en meest voor de hand liggende maatregel is het verhogen van de ingelegde premies door werknemers die aangesloten zijn bij pensioenfondsen. Dit gebeurt zo nu en dan en raakt eigenlijk alleen de werkende deelnemer van een pensioenfonds. Niet de deelnemers die een pensioenuitkering krijgen.

Pensioenfondsen proberen de opbouw van pensioenen en de uitkeringen in principe ook mee te laten stijgen met de ontwikkeling van de lonen en/of de inflatie. Ofwel: het idee is dat pensioenen ‘waardevast’ blijven.

Het koopkrachtbehoud en deze vorm van het dekken van pensioenen – is een tweede manier om te bezuinigen. Dit raakt zowel gepensioneerden als deelnemers die nog werken: gepensioneerden zien de koopkracht van hun huidige pensioenuitkering afnemen en werkende deelnemers bouwen een pensioen op dat minder waardevast is, doordat de toezegging over de toekomstige uitkering geen rekening houdt met de inflatie.

Een korting op de pensioenen is de derde en meest harde maatregel. Voor gepensioneerden betekent dit dat ze simpelweg minder pensioen krijgen en voor deelnemers die nog werken dat de toekomstige uitkering lager wordt. Ook deze maatregel raakt dus verschillende generaties.

Wat is de impact van het Pensioenakkoord?

Vakbonden en besturen van pensioenfondsen willen graag dat er de komende twee jaar helemaal geen kortingen op de pensioenen worden doorgevoerd. Dus ze willen zowel de huidige als de nieuwe regels voor de rekenrente negeren.

Intussen moet handen en voeten gegeven worden aan het in juni afgesloten voorlopige Pensioenakkoord. Dat moet in 2022 van kracht worden, maar is nog bijzonder vaag over de hervorming die pensioenfondsen te wachten staat.

In het pensioenakkoord staat omschreven dat er vanaf 2022 dezelfde regels zullen blijven omtrent collectieve pensioenregelingen, waar ook pensioenkortingen uitgebreid worden belicht. Mocht het na 2021 niet beter gaan, dan moet er alsnog gekort worden op de pensioenen.

Het idee is om een soort hybride stelsel te maken, waarbij werknemers gebonden blijven aan collectieve pensioenfondsen, maar daarbinnen de mogelijkheid krijgen om eigen potjes op te bouwen.

Dat laatste betekent dat werknemers zelf beleggingsrisico zouden gaan dragen en dus geen of een veel minder harde toezegging krijgen over de hoogte van de pensioenuitkering. In dat geval zijn maatregelen zoals korten op de uitkering per definitie niet meer aan de orde.

Uncategorized

Reacties zijn uitgeschakeld